Vanaf 1 januari 2015 komt de ex-post verevening voor somatische zorg te vervallen. Zorgverzekeraars ontvangen dan geen compensatie meer achteraf voor een risicovolle groep verzekerden. Dat wil minister Schippers. Met de afschaffing van de ex-post risicoverevening wordt echter het voortbestaan van kleine zorgverzekeraars bedreigd. Ex-post compensaties (achteraf) zijn bedoeld voor situaties waarin de ex ante compensaties (vooraf) niet voldoende zijn. Zorgverzekeraars ontvangen een vergoeding van het rijk voor verzekerden die tot hogere risicogroepen behoren. Voor de basisverzekering geldt een acceptatieplicht, waardoor zorgverzekerkaars verplicht zijn iedereen die zich aanmeldt voor de basisverzekering aan te nemen als verzekerde. Vooraf wordt dan op basis van risicofactoren een inschatting gemaakt van het zorggebruik en de kosten daarvan per verzekerde. Deze ex-ante compensatie wordt aan de verzekeraars uitgekeerd. De inschatting wordt echter gebaseerd op de gegevens van drie jaar eerder, omdat er volledigheid nodig is. Meer recente cijfers zijn nog niet volledig en daarom niet representatief voor de berekening van de vergoedingen. Daarnaast is er de ex-post verevening. Hierbij wordt gekeken naar de daadwerkelijk gemaakte kosten. Deze compensatie vindt achteraf plaats. Minister Schippers wil de ex-post verevening afschaffen omdat deze te veel de prikkel voor zorgverzekeraars weghaalt om doelmatig zorg in te kopen. Zij worden immers toch achteraf nog gecompenseerd voor de kosten die zij hebben gemaakt. Inmiddels wordt de ex-post verevening steeds verder afgebouwd. Zo zal deze in 2015 verdwijnen voor de somatische zorg en in 2017 komen te vervallen voor geneeskundige GGZ. Hierdoor worden zorgverzekeraars risicodragend voor de zorg die zij zelf inkopen. Dit draagt bij aan de efficiënte inkoop van zorg door zorgverzekeraars. Bij afschaffing van de ex-post verevening zullen zorgverzekeraars eerder duidelijkheid hebben over de definitieve inkomsten.
